SCHAATSKUNST 2 | Pieter Brueghel de Jonge..
Schaatsen en kunst hebben op het eerste gezicht misschien niet zoveel met elkaar te maken. Maar wie er scherper naar kijkt ziet dat er toch allerlei raakvlakken zijn. Buiten dat hou ik zelf erg van schaatsen en ik hou me er al mijn leven lang mee bezig. Het ligt dus voor de hand dat ik de kunstzinnige kant er van onderzoek. Niet zozeer de bekende schilderijen met ijsvermaak van Hendrick Avercamp of Jan van Goyen, maar vooral de verrassingen die je even niet zag aankomen. En natuurlijk met de buitengewone schoonheid van bewegen over bevroren water. Misschien wel de mooiste manier van menselijk voortbewegen. Je bent van harte uitgenodigd om mee te gaan langs een aantal bijzondere verhalen waar schaatsen en kunst elkaar ontmoeten.
Ik had me voorgenomen om niet over die oude schilderijen met ijsvermaak te schrijven. Maar het liep toch net even anders… Nu de corona-regels minder streng worden en de musea weer open gaan bedacht ik een museum-uitje. Eerst naar het Missie-museum in Steyl waar ondermeer een indrukwekkende verzameling taxidermie (opgezette dieren, waaronder het sneeuwluipaard en het vogelbekdier!) te zien is die meer dan een eeuw lang door missionarissen uit alle hoeken van de wereld zijn meegenomen. Aanrader maar niks met schaatsen. Daarna zette de tocht zich voort naar het Bonnefantenmuseum in Maastricht. Met prachtig werk van Margaret Kilgallen, beklemmende objecten van Berlinde De Bruyckere en een aanraak-expositie met de titel ‘Huid’. Op weg van de ene expositie naar de andere kwam ik langs een aantal 17e eeuwse meesters uit de vaste collectie.
Daar viel mijn oog op ‘Volkstelling te Bethlehem’ van Pieter Brueghel II (olieverf op paneel, ca 1605-1610). Bethlehem? Dat is toch in het Midden-Oosten? En ik zie een bevroren Nederlands dorp met sneeuw en ijs. En jawel op ooghoogte zie ik nog een paar schaatsers in de verte ook. Na even zoeken op internet blijkt dat er meer versies van het schilderij zijn. Het eerste exemplaar geschilderd door Pieter Bruegel de oude (de vader) in 1566 en de ander (die waar ik in het Bonnefantenmuseum tegen aan loop) geschilderd door zijn oudste zoon Pieter Bruegel de jonge in 1605-1610. Pieter Bruegel de Oude overleed toen zijn oudste zoon vijf jaar oud was. De schilderijen van de vader deden het goed in die tijd. Er werd flink voor betaald. En daarom maakte de zoon kopieën van het werk van zijn vader. Het schijnt dat tweederde van de werken van Pieter Brueghel de Jonge kopieën van zijn vaders werk zijn. En deze Volkstelling te Bethlehem was blijkbaar zo populair dat er zelfs dertien kopieën van het werk bekend zijn, waarvan drie gesigneerd en gedateerd door Pieter Brueghel de Jonge.
Het is eigenaardig dat de hoofdpersonen uit het Bijbelse verhaal, Jozef en Maria, hier een bijrol lijken te vervullen. Vooraan rechts zie je een man met een grote timmermanszaag en een os en een ezel. Op de ezel zit een vrouw, in een wijde blauwe mantel.
En die schaatsers? Op hedendaags schaatsen lijkt het niet. Maar toch zit er wel wat natuurlijks in het bewegen van de schaatsende figuren. Wie de titel van het schilderij invoert op ‘artsandculture.google.com’ vind een gedetailleerde afbeelding van de vader-editie en daar zie je de schaatsende mensen luid en duidelijk. Er zijn trouwens nog meer Brueghels met schaatsers, maar eigenlijk wilde ik het daar dus helemaal niet over hebben…
Als u als oplettende lezer tips, aanvullingen of opmerkingen heeft hoor ik die graag. Stuur een berichtje naar info@robbertkamphuis.nl.